Installatie-kwaliteit.

Dit is een website van Technisch Adviesbureau Crone rond het thema installatie-kwaliteit.

Op deze site willen aandacht besteden aan kwaliteit van installaties.

Onderaan dit artikel kunt u reageren; wij nodige u van harte uit dit te doen.

 

Eerst geven wij ons commentaar op de nieuw eisen die het GIW sinds 1 januari 2007 stelt aan installaties in woningen. Daarna geven wij een algemene visie op installatiekwaliteit.

Samenvatting van ons commentaar op de GIW Installatie-eisen 

 

Over de nieuwe GIW eisen voor installaties in de woningbouw, publicatie GIW/ISSO 2007.

1.   Algemeen.

Onduidelijk is hoe door het GIW getoetst en beoordeeld zal worden. Vaak worden zeer exacte en strenge grenswaarden gesteld, maar mondeling wordt gezegd "als je een goede installatie maakt is er niets aan de hand". Maar als er toch klachten zijn, hoe wordt dan beoordeeld of aan de eisen voldaan is; wél zeer exact??

Veel eisen zijn niet helder, eenduidig en toetsbaar geformuleerd, zodat tijdens het ontwerpen van de installaties niet bepaald kan worden óf aan de eisen voldaan wordt.

Door veel van de eisen wordt voor alle woningen een hoog kwaliteitsniveau geëist. Dat lijkt heel mooi, maar heeft tot gevolg dat alle woningen duurder worden voor de kopers, terwijl lang niet iedereen dat kwaliteitsniveau op alle punten wenst/nodig heeft en vanuit beperkt budget liever anders zou kiezen.

2.    Verwarming.

De bepaling dat niet altijd een kamerthermostaat-regeling mag worden toegepast is onduidelijk en meestal onterecht:

Wanneer precies is een woonkamer niet representatief?? Moet dan altijd een weersafhankelijke vóórregeling met ná-regeling per vertrek worden toegepast?

Voor de meeste bewoners (die slaapkamers niet verwarmen) is een kamerthermostaat de meeste zuivere, comfortabele en energie-zuinige regeling. Voldoen aan deze eis betekent voor hen dus dat de woning duurder wordt, minder goed geregeld en dat de stookkosten stijgen.

De eis aan het maximale drukverlies is rigide en voor vloer-/ en wandverwarming te streng met niet-optimale installaties tot gevolg.

De eis dat ventilatie-roosters "zo veel mogelijk" onder ramen moeten worden geplaatst is onduidelijk en heeft weinig zin. In de huidige goed geïsoleerde woningen levert een radiator bijna altijd veel te weinig warmte om eventuele tocht van roosters te verminderen. Tochtklachten door natuurlijke ventilatie-toevoer zijn inherent aan dit systeem; een radiator verandert daar niets aan.

Eis dat een centrale inregelafsluiter wordt geplaatst: in bijna alle woningen onzinnig omdat al per radiator wordt ingeregeld; dus nodeloze verhoging van kosten én van storingskansen.

3.   Ventilatie-installaties.

De eis dat de vereiste capaciteiten in alle ruimten gelijktijdig gerealiseerd moeten kunnen worden is een expliciete afwijking van het bouwbesluit en niet zinnig omdat mensen nooit gelijktijdig in alle ruimten kunnen zijn. Heeft bij mechanische afzuiging groter warmteverlies tot gevolg.

Maar de eisen laten na om strengere eisen te stellen aan de capaciteit van met name balansventilatie in slaapkamers, terwijl het juist daar terecht is om grotere capaciteiten te realiseren dan nu vereist is!

De bepaling dat geen "krijtstreep-methode" mag worden toegepast is om twee redenen niet juist:

Het bouwbesluit kent geen krijtstreep, het kent alleen verblijfsruimten en -gebieden enz en daaraan worden minimum-eisen gesteld. De term "krijtstreep-methode" suggereert dat er gesjoemeld wordt en dat is niet zo.

Doordat het GIW dus weer eisen per "kamer" stelt, wordt het voor de ontwerper in sommige situaties onmogelijk verstandig te ontwerpen; bijvoorbeeld een grote woonkamer in een kleine woning moet toch maximaal geventileerd worden, waardoor de ruimte in de installatie om de slaapkamers extra te ventileren verdwijnt.

Eis aan ventilatie van opstelplaats wasmachines en van bergingen is onduidelijk (moet de lucht rechtstreeks naar buiten?) en lang niet altijd zinvol.

4.   Tapwater.

De eis dat (bijna) alle woningen een tapwaterverwarmingstoestel met CW-klasse 4 hebben, is een voorbeeld van wat wij onder 1.c. in het algemeen gezegd hebben. Voor een standaard douche is CW3 prima. En dat het vullen van een bad ietsje langer duurt is voor veel mensen helemaal geen bezwaar. Maar een toestel met standaard een grotere hoeveelheid warmwater betekent dus wél dat dus altijd meer energie gebruikt wordt! En algemeen wordt aanvaard dat de eerste maatregel bij het beperken van het energiegebruik het beperken van de vraag is!

5.    Installatiegeluid.

Bepalingsmethode niet duidelijk en praktisch. Om vóóraf met een berekening vast te stellen of aan de eisen voldaan zou worden is feitelijk ondoenlijk zodat er grote onzekerheid blijft (zie ook 1.a.).

Onduidelijk is wat onder "normale gebruiksomstandigheden" wordt verstaan; ventilator in middenstand of hoogstand?? Het geluidsdrukniveau waarvan wordt uitgegaan is zeer bepalend voor de maatregelen die nodig zijn om aan de eis te voldoen.

30 dB(A) is een zeer laag geluidsniveau; in de praktijk is vanwege het hoge achtergrond-geluidsniveau meestal niet te meten of wordt voldaan.

6.   Temperatuuroverschrijding.

Ook hiervoor geldt wat we onder 1.c. zeggen. Het lijkt mooi iedere woning met oververhittingsrisico te voorzien van buitenzonwering, maar het gevolg is dat alle kopers van die woningen worden opgezadeld met extra kosten én met een keuze van het type zonwering die vaak niet de hunne is. Veel kopers kiezen er liever voor om zonwering "gefaseerd" naar eigen keuze aan te brengen.

De sneltoetsmethode van het epc-rekenprogramma is bijzonder onbetrouwbaar en helemaal niet voor dit doel bedoeld; hierdoor kan een grote rechtsongelijkheid tussen verschillende typen woningen ontstaan. 

Technisch Adviesbureau Crone, maart 2007

 


 
geef een reactie op dit artikel
  Reacties:
  
 zoek   
Adres

Postadres:
Postbus 40176
6504 AD Nijmegen

Telefoon:
024 378 01 99

Fax:
024 377 87 10


Bezoekadres:

Graafseweg 274
6532 ZV  Nijmegen